Algemeene vaderlandsche letter-oefeningen, Teil 2p. Ellerman, 1804 |
Andere Ausgaben - Alle anzeigen
Häufige Begriffe und Wortgruppen
aanmerkingen aart algemeen alles altyd Amſt belangryk beſchryving beſtaan BONNET Brief Brieven byzonder Christendom CICERO derzelver deszelfs dezelve Dichter dien dikwyls eenige Eerſte Deel Eerw eigenlyk eindelyk enen Franſche gebragt geest geheel gelyk genoeg Geſchiedenis geſchikt geſchreeven geſteld Godsdienst goede groote grootſte hadt hart Heelkunde Heer heid hetzelve Hoofdſtuk Hoogleeraar hunne Iſte Jeſus Kerkenraad Koepokken kundige laatere laatſte Land Leer Leeraar Leezer LEPTA maaken Maatſchappy mensch menſchen mogelyk mogt naauwkeurig natuurlyk omtrent onderſcheidene onze oogmerk oordeel PICHEGRU plaatzen proeve ſche ſchen ſchoon Schry ſchryven Schryver ſchynt ſlechts ſmaak ſtaan ſtaat ſtand ſtellen ſtuk ſtukken ſtyl terwyl tusſchen vergelyking verhaal Verhandeling verre verſcheidene verſchil verſchillende verſlag verſtand Volk Vrouwen vryheid waarlyk waereld Werk Werkje wierd Wysgeer wyze zedelyke zegt zelfs zelve zodanige Zoon zouden zulks zynde zyner دو دو وو
Beliebte Passagen
Seite 646 - ... van mijne Vriendinne ; alle de ernstige van my waren ; dan weder eens bovengenoemde Werken alléén aan myne Vriendinne hebben toegeschreven, en my zot en ijdel genoeg geacht, om met haar veêren te pronken. Alles, wat zy hier door beweezen hebben, is, dat zij noch myne Vriendinne, noch my kennen ; daar ik niet alleen voor de helft deel aan alle de Werken heb, die op beider naam staan, maar ook mijne Vriendin niet minder ernstige onderwerpen dan ik behandelt heeft ; ik niet minder vrolyke, of,...
Seite 646 - ... willen opdringen (ik zal de bedoeling hier mede niet onderzoe3) Dr. Dyserinck, aw, p. 242. ken) nu eens, dat alle de vrolyke Liederen en Brieven in de Oeconomische Liedjes, in Burgerhart, Leevend, Wildschut, en andere, door ons in het licht, gegeeven Werken, van mijne Vriendinne ; alle de ernstige van my waren ; dan weder eens bovengenoemde Werken alléén aan myne Vriendinne hebben toegeschreven, en my zot en ijdel genoeg geacht, om met haar veêren te pronken. Alles, wat zy hier door beweezen...
Seite 341 - J. de Groot, G. Warnars, S. en J. Luchtmans, A. en P. Blussé, en V. van der Plaats.
Seite 297 - Gevolgd door eene narede, gelijk mede door Athenen onder Cleo, of eene verhandeling over het tooneeldicht van Aristophanes: de ridders, als bijlage tot het hoofddeel der vrijheid en slaavernij, door Johan Meerman, Heer van Dalem en Vuren.
Seite 645 - t geen „ik verwagtte, veel van 't geen ik verwenschte. Eigenbelang onder „het masker van vaderlandsliefde; heerschzucht onder het kleed der „ootmoedigheid; veel list, weinig wijsheid, veel ijver, maar zonder ver,, stand .... Wat al toorenbouwers , die nooit de kosten vooraf berekend hadden?
Seite 33 - t geen hij heeft bijgewoond en het «gaat ook alle denkbeelden te boven. Al .wilde Engeland ons drie»maal meer troupes zenden, de hulp is niet alleen inutiel maar zal >het embarras nog vermeerderen ; ik betuig niet te weten hoe de «Engelsche troupes nog weggeraaken , want in Holland zal men ze «niet gemakkelijk admitteeren.
Seite 546 - Stukken, welke, in beide dt vakken, geoordeeld mogten worden , op belooning aanfpraak te hebben , en aan de bekroonde naast by te komen. Dit oordeelden wy , verkort , uit de Voorreden te moeten overneemen. Deeze geeft ons voorts te leezen , ftoe de wyze van beoordeeling is ingericht; hoe de Maat...
Seite 548 - Schryver ia byzondi-rheden, en onderzoekt, wat men, overeenkomflig de gelegde gronden, ten aanzien van de gefchilpunten in de fpelling onzer Moedertaale , tot het onderwerp deezer Verhandelinge betrekkelyk, kunne en moete vastftellen.
